Een nieuwe camperlijn, een fris logo en een Engelstalige slogan. Bürstner slaat met het modeljaar 2026 rigoureus een volledig andere weg in. De fabrikant uit Kehl schrapt zonder pardon vijftien camperreeksen, tientallen indelingen en álle camperbusjes. Geen halve maatregelen dus – en dat roept vragen op. Wat betekent deze beslissing voor de kampeerder, voor de markt en voor de andere merken binnen de Erwin Hymer Group?
Deze ongekende sanering is de grootste in de geschiedenis van het Duitse merk. Onder de noemer ‘Bürstner Reloaded’ verdwijnt het complete aanbod zoals we dat kennen. Drie volledig nieuwe modellen nemen het stokje over. Daarmee kiest het merk voor meer eigen gezicht, minder overlap en grotere productie-efficiëntie. Maar is dit een wanhoopssprong of juist een scherpe strategische zet? En wat zegt deze stap over hoe fabrikanten naar de toekomst van de markt voor recreatievoertuigen kijken?
Waarom men ‘Bürstner Reloaded’ nodig vindt
De man achter de ommezwaai is Hubert Brandl, sinds eind 2024 CEO van zowel Niesmann+Bischoff als Bürstner. Hij staat bekend als doortastend en merkt zelf fijntjes op dat de oude Bürstner-portfolio “grotendeels bestond uit generieke modellen zonder onderscheid”. Daarmee doelt hij op de vijftien modelreeksen en 48 indelingen die per direct verdwijnen – met uitzondering van wat restvoorraad bij dealers.
De reden? Een productlijn die te breed, te verwaterd en te weinig rendabel was. Vooral het urban camper-segment, dat tijdens corona nog flink groeide, bleek kwetsbaar. Ook het vertrouwde design en de marketing, met slogans als “wohnfühlen”, kregen een opfrisbeurt. Het nieuwe motto: “Discover the better”.
Drie nieuwe campermodellen, drie doelgroepen
Bürstner start opnieuw met slechts drie nieuwe modellen. Elk bedient een duidelijk afgebakende doelgroep en volgt een uitgekiende strategie op het snijvlak van prijs, gebruiksgemak en uitstraling.
Papillon – eenvoud als uitgangspunt
De Papillon is een basic campervan op Fiat Ducato. Hij heeft een dwarsbed dat omhoog kan klappen om twee fietsen in het interieur te vervoeren. Geen koelkast, wel een enkel inductiepitje. Optioneel zijn een koelbox en gaskartouches verkrijgbaar. Voor sanitair is er keuze tussen een Porta Potti, een scheidingstoilet of droogtoilet.
De Papillon PC600 is er rijklaar vanaf € 40.000 exclusief BPM – en dat maakt hem interessant voor instappers die de basis belangrijker vinden dan luxe.
Habiton – techniek als unique selling point
De Habiton op Mercedes Sprinter springt eruit met een gepatenteerde verschuifbare badkamer. Die zit overdag deels over het linkerbed heen, maar kan ’s avonds verplaatst worden zodat twee lengtebedden ontstaan.
Ook qua uiterlijk wil Bürstner hier scoren: klanten kunnen uit vier decors en diverse stoffen kiezen – goed voor zo’n honderd combinaties. De prijzen starten bij € 73.000 (achterwielaandrijving) en € 87.000 voor de 4×4. Daarmee is hij fors goedkoper dan vergelijkbare Sprinter-conversies van bijvoorbeeld Pössl. Ook deze prijzen zijn exclusief BPM.
Signature – flexibele luxe voor de doorgewinterde kampeerder
Het nieuwe topmodel Signature richt zich op de loyale Bürstner-klant die een deelintegraal zoekt met luxe en variabiliteit. De zitbank draait 90 graden, de keuken laat zich uitbreiden met uitschuifdelen en een sideboard komt elektrisch omhoog uit de vloer. Het optionele hefbed verdwijnt volledig in het plafond.
Opvallend: de Signature is in feite een afgeleide versie van de Niesmann iSmove. Synergie in de Hymer Group dus. Startprijs: € 77.000 exclusief BPM op Ducato, later ook leverbaar op Sprinter (+ € 10.000).
Ook bij de caravans geen heilige huisjes
Niet alleen bij de campers wordt rigoureus gesaneerd. Ook het caravanprogramma van Bürstner gaat volledig op de schop. Tot nu toe is enkel duidelijk dat één enkel B66-model, afgeleid van de Averso, de overgang moet opvangen. Die wordt in acht indelingsvarianten aangeboden en moet met een nieuwe vanafprijs van € 25.000 vooral prijstechnisch aantrekkelijk blijven.
Wat daarna volgt, is nog niet bekendgemaakt. De fabrikant houdt de kaarten vooralsnog tegen de borst. Maar duidelijk is wel dat ook het caravansegment teruggebracht wordt tot een veel overzichtelijker aanbod, vermoedelijk met vergelijkbare uitgangspunten: scherpe positionering, hoge variabiliteit binnen één basisstructuur, en synergie met de rest van de Hymer Group.
B66: jubileummodellen als laatste groet aan het verleden
De genoemde B66-varianten die Bürstner deze zomer nog introduceert, dragen niet toevallig die typeaanduiding. Het cijfer verwijst naar het 66-jarig bestaan van het merk – en maakt van de modellen meteen een soort afscheidseditie.
Hoewel technisch gebaseerd op de uitlopende generaties, zijn ze rijk uitgerust en scherp geprijsd. Zo moet de overgang naar het nieuwe portfolio voor dealers en klanten werkbaar blijven. Tegelijk zijn de B66’s ook symbolisch: een laatste groet aan het oude Bürstner-DNA, voordat het doek definitief valt over het bestaande gamma. We zullen in een volgend artikel terugkomen op die B66-modellen.
Wat betekent dit voor de markt?
Met deze zet keert Bürstner zich af van het idee dat een merk voor elk segment een oplossing moet bieden. Minder modellen betekent kortere productielijnen, lagere ontwikkelkosten en betere marges. De klant profiteert indirect van meer focus en een duidelijker positionering.
Voor de branche is dit ook een signaal. Het tijdperk van ‘alles voor iedereen’ lijkt voorbij. Merken moeten zich durven onderscheiden – ook als dat betekent dat populaire typen zoals integraalcampers of buscampers verdwijnen.
En voor de kampeerder?
Wie gehecht is aan klassieke Bürstner-modellen als de Lyseo of Copa, moet snel zijn. De fabriek brengt nog een drietal B66-sondermodellen uit, met royale uitrusting en scherpe prijzen. Zo kost de Lyseo-afgeleide B66 met enkele bedden € 79.000, tegenover € 97.450 voor een vergelijkbare configuratie op maat. De zes meter lange B66-campervan (Ducato, dwarsbed) gaat vanaf € 60.000 mee.
Deze tijdelijke modellen blijven beschikbaar zolang de voorraad strekt. Ze moeten het gat overbruggen tot begin 2026, als de nieuwe reeks leverbaar wordt.
Wachten tot 2026
Zoals gezegd betekent dit voor de Bürstner-klanten voorlopig even pas op de plaats. Nieuwe modellen zijn er pas ná de Caravan Salon te verwachten – wellicht op de CMT 2026 – en de eerste leveringen volgen ook pas in 2026.
De rol van de Erwin Hymer Group
Bürstner is niet zomaar een solospeler, maar onderdeel van de Erwin Hymer Group. Dat de groep uitgerekend dit merk uitkiest voor een structurele herpositionering, is veelzeggend. De keuze om technologie van Niesmann+Bischoff te hergebruiken in een goedkopere deelintegraal laat zien hoe efficiëntie en schaalvoordeel binnen de groep steeds belangrijker worden.
Geen compromissen
Met de grootschalige sanering zet Bürstner alles op scherp: geen halve keuzes, geen compromissen. Het merk maakt zich klaar voor een toekomst waarin karakter belangrijker is dan een complete range. En daarmee zou het weleens voor kunnen lopen op een bredere beweging binnen de kampeerbranche – richting minder volume, en meer identiteit.






