Kiwi Edition Basecamp: stoer én comfortabel

Kiwi Edition Basecamp expeditiecamper

Kiwi Edition Basecamp: stoer én comfortabel

De vraag naar compacte expeditiecampers zit al een tijdje in de lift. Steeds meer kampeerders willen weg van de vaste camping, eigen routes kunnen kiezen en gerust een gravelpad of bergweg meepakken. Dan heb je opeens niet meer genoeg aan een standaard buscamper met luifel en fietsendrager, maar zoek je iets dat wat ruiger mag zijn, zonder dat je meteen in een kale expeditietruck belandt.

In dat speelveld schuift de Kiwi Edition Basecamp naar voren. Een 4×4-camper die eruitziet alsof hij het liefst elke dag een bergpas pakt, maar binnen juist aanvoelt als een compacte, goed ingerichte studio. Zitgroep, volwaardige keuken, slimme badkamer: het zit er allemaal in. De hamvraag: lukt het Kiwi om echte terreinvaardigheid te combineren met wooncomfort, of voelt het alsnog als een compromis?

Nieuwe speler in het expeditiesegment

Kiwi Van Manufaktur is in Duitsland geen onbekende als het gaat om maatwerkcamperbouw, maar met de Basecamp zetten ze een opvallende stap. In plaats van de bekende buscamperaanpak bouwen ze een complete GFK-woonunit met alkoof op een Mercedes-Benz Sprinter 4×4. Visueel en technisch komt het daarmee dichter in de buurt van een kleine truckcamper dan van een omgebouwde bestelbus.

Die keuze is interessant in een markt waar je meestal moet kiezen: óf lekker ruig kunnen rijden, óf binnen echt de ruimte hebben. De Basecamp probeert dat te combineren. De cijfers schetsen het plaatje: 638 cm lang, 235 cm breed (mét spiegels), 307 cm hoog en binnen een stahoogte van zo’n 210 cm. Dat zijn serieuze afmetingen voor een camper die ook wel eens in een parkeervak moet passen.

Constructie en onderstel: gemaakt om van het asfalt af te gaan

Onder de cabine ligt een Mercedes-Benz Sprinter 419 CDI met 2,0-liter motor van 140 kW en de 9G-Tronic-automaat. De 4×4-aandrijving gebruikt Torque-on-Demand, waardoor de bus automatisch meedenkt met grip en ondergrond. Voor je gevoel rij je gewoon een moderne Sprinter, totdat je een modderpad of steile onverharde klim pakt. Dan merk je dat deze basis net wat verder durft te gaan dan een doorsnee buscamper.

Sprinter 4×4 als fundament

Het leeggewicht van 3.090 tot 3.150 kg betekent wel dat je moet opletten met belading, maar voor een expeditiecamper is het niet buitensporig. In ieder geval is hij nog wel geschikt voor rijbewijs B, dat scheelt. De wielbasis van 367 cm zorgt voor rust op lange snelwegritten, terwijl de hoogte van 307 cm vraagt om een beetje discipline bij takken, parkeergarages en veerboten. Het is geen stadscamper, maar dat is ook niet de bedoeling .

GFK-opbouw met expeditie-eigenschappen

De echte magie gebeurt achter de cabine. De GFK-opbouw is opgebouwd uit panelen van 40 mm dik, met rondom verlijmde profielen. In gewone mensentaal: stijf, goed geïsoleerd en niet gevoelig voor roest. Op koude of natte dagen merk je dat direct. De warmte blijft beter hangen en de cabine voelt minder “blik” dan een klassieke bus. De alkoof boven de cabine levert extra opbergruimte op, zonder dat de leefruimte krapper wordt. De unit is volledig in carrosseriekleur gespoten, wat het geheel er af-fabriek uit laat zien.

Interieurindeling met focus op comfort

Van buiten verwacht je vooral functionaliteit, binnen word je eerder welkom geheten in een compacte loft. Veel indirecte ledverlichting, rustige materialen, geen kermis aan kleuren. Het is nog steeds duidelijk een camper, maar wel eentje waar je je laptop op tafel legt en met gemak een paar dagen kunt “wonen” in plaats van alleen slapen.

U-zit met uitzicht en elektrisch bed

Achterin zit een U-vormige zitgroep met grote ramen. Dat betekent panorama-uitzicht op het meer, dal of parkeerplaats waar je staat. Boven de zitgroep hangt een elektrisch hefbed van 200 bij 140 cm. Daarmee heb je overdag een volwaardige zit en ’s avonds met één druk op de knop een slaapruimte voor twee personen. De stahoogte van 210 cm zorgt ervoor dat ook langere kampeerders niet de hele dag gebukt rondlopen .

Op dagen dat de regen dwars door je plannen heen tikt, is dit precies het soort interieur waar je blij van wordt. Laptop op tafel, koffie op het aanrecht, een boek binnen handbereik. De Basecamp voelt dan minder als een noodverblijf en meer als een kleine studio op wielen.

Variobadkamer: douchen zonder gedoe

De badkamer is uitgevoerd met draaibare elementen. De Clesana-toiletunit draait weg onder de wastafel zodra je wilt douchen, waardoor de hele ruimte vrijkomt en je een volwaardige douchebak overhoudt. Je hoeft dus niet te jongleren met een gordijn of tussen meubels door te manoeuvreren. Dankzij de stahoogte van 200 cm kun je gewoon rechtop douchen. Met tot 120 liter schoonwater en een geïsoleerde grijswatertank kun je bovendien een paar dagen off-grid blijven zonder meteen naar een servicepunt te moeten.

Keuken en opslag: meer dan alleen een pitje

De keuken krijgt geen bijrol. Automatisch vergrendelende lades met houten fronten, een groot spoelbakje met matzwarte of rvs-kraan, en een inductiekookplaat met twee zones. De 70-liter compressorkoelkast van Dometic is groot genoeg voor een paar dagen boodschappen, zeker als je niet elke dag uitgebreid kookt.

Qua bergruimte zit het goed: een hoge kledingkast naast de badkamer, extra kastruimte bij de ingang, een grote kast boven de cabine en bovenkastjes langs de keuken en het bed. Onder de zitgroep ligt een echte garage, van beide kanten bereikbaar, waar je spullen als stoelen, laarzen of recovery-gear kwijt kunt.

Autonomie en energiesysteem: off-grid zonder stress

Off-grid sta je pas echt relaxed als de stroomvoorziening klopt. De Basecamp draait op een 24 V-systeem met een 200 Ah LiFePO4-accu, grofweg vergelijkbaar met 400 Ah in een 12 V-setup. Een 3 kW-omvormer voedt de inductiekookplaat en de nodige 230 V-apparatuur. Laden kan via walstroom met een 1,7 kW-lader, via de dynamo tijdens het rijden of via het 160 W-hoogvolt-zonnepaneel op het dak .

De belangrijkste cijfers die iets zeggen over de off-grid mogelijkheden:

  • Accu: 200 Ah LiFePO4 op 24 V
  • Zonnepaneel: 160 W op het dak
  • Schoonwater: tot 120 liter
  • Verwarming: Truma D4E dieselverwarming met 12-liter boiler

In de praktijk betekent dit dat je meerdere dagen prima zonder campingstek kunt. Houd er wel rekening mee dat inductiekoken een echte stroomslurper is. Wie veel kookt en tegelijk laptops, camera’s en andere elektronica laadt, zal eerder op de limiet van de accu stuiten dan iemand die vooral buiten leeft en af en toe een pan soep opwarmt.

Voor wie is deze camper bedoeld?

De Basecamp richt zich duidelijk niet op de gemiddelde zomerhuurder die drie weken op dezelfde camping in Frankrijk staat. Dit is een camper voor wie graag verder weg trekt, en ook buiten het zomerseizoen, naar Scandinavië, Schotland of berggebieden waar het weer en de ondergrond snel omslaan. Dan is het prettig als je 4×4 aandrijving, isolatie en een serieuze verwarming achter de hand hebt.

Voor Nederlandse gebruikers spelen hoogte en gewicht ook een rol. Denk aan binnensteden, veerboten, tolwegen en winterbandenplicht in bepaalde landen. Je moet bereid zijn om dat soort dingen vooraf uit te zoeken. Daar staat tegenover dat je een camper hebt die zich thuis voelt op plekken waar een doorsnee buscamper uit voorzorg omdraait.

Prijsstelling: niche met een hoofdletter N

De prijs laat weinig aan de verbeelding over. De opbouw van de Basecamp begint bij 247.500 euro, exclusief het Sprinter basisvoertug. Daarmee zit je meteen in het hogere expeditiesegment. Het is duidelijk geen auto voor wie een paar keer per jaar een lang weekend weg wil, maar eerder een gereedschap voor lange reizen en serieuze avonturen.

Vergeleken met andere premium offroad-ombouwers kiest Kiwi nadrukkelijk voor wooncomfort. Waar sommige concurrenten vooral een stoer rijdend basisstation leveren, voelt de Basecamp meer als een compleet ingericht huisje op wielen. De keerzijde: compact kun je het niet noemen. De lengte en hoogte vragen ruimte, zowel op de weg als in de stalling. Parkeren in smalle dorpjes of oude stadscentra is simpelweg niet zijn sterkste kant.

Stoer genoeg voor het karrenpad, comfortabel genoeg om te loungen

De Kiwi Edition Basecamp is zo’n camper die precies laat zien hoe ver je het expeditieconcept kunt doortrekken zonder dat het aanvoelt als een werkbus. De combinatie van Sprinter 4×4, stijve GFK-opbouw en een interieur waar je gerust langere tijd in wilt verblijven, maakt hem aantrekkelijk voor wie graag buiten de gebaande paden reist.

Tegelijkertijd is het duidelijk een nicheproduct. De prijs, het formaat en het gewicht vragen om een serieuze afweging. Als je vooral campings langs de snelweg aandoet, is dit waarschijnlijk overkill. Maar als je al bij het zien van een onverhard zijweggetje denkt: “Zou dat passen?”, dan is de Basecamp precies het soort camper waar je langer naar blijft kijken.

Like dit artikel
Tweet dit artikel